Minimum(jeugd)loon per 1 januari 2006.
De brutobedragen van het wettelijk minimumloon en het minimumjeugdloon stijgen per 1 januari 2006 met 0,62 procent. Dit is het gevolg van de aanpassing van het wettelijk minimumloon aan de gemiddelde ontwikkeling van de CAO-lonen. Daarbij wordt uitgegaan van de helft van de door het CPB verwachte loonstijging. Op 1 juli 2006 volgt een halfjaarlijkse aanpassing.
Voor een werknemer van 23 jaar of ouder is het brutominimumloon bij een volledig dienstverband per 1 januari 2006:
| per maand | € 1272,60 |
| per week | € 293,70 |
| per dag | € 58,74 |
Wettelijke bruto minimumjeugdlonen per 1 januari 2006 (in euro’s)
| Leeftijd | % van het minimumloon | Per maand | Per week | Per dag |
| 22 jaar | 85% | 1081,70 | 249,60 | 49,92 |
| 21 jaar | 72.5% | 922,65 | 212,90 | 42,58 |
| 20 jaar | 61.5% | 782,65 | 180,60 | 36,12 |
| 19 jaar | 52.5% | 668,10 | 154,20 | 30,84 |
| 18 jaar | 45.5% | 579,05 | 133,65 | 26,73 |
| 17 jaar | 39.5% | 502,70 | 116,00 | 23,20 |
| 16 jaar | 34.5% | 439,05 | 101,30 | 20,26 |
| 15 jaar | 30% | 381,80 | 88,10 | 17,62 |
De netto bedragen zijn, anders dan de bruto bedragen, niet wettelijk bepaald. Ze kunnen per bedrijfstak of bedrijf verschillen. Dit komt door verschillen in inhoudingen op het loon, onder meer in verband met de premieheffing voor de sociale zekerheid.
In de onderstaande bedragen zijn de pensioenpremies buiten beschouwing gelaten evenals de premie voor de nieuwe zorgverzekering. De bedragen geven daarom alleen een globale aanduiding.
Netto minimumloonbedragen in euro’s per 1 januari 20061
Onderstaande tabel geeft ter indicatie de netto minimumloonbedragen voor een alleenstaande werknemer, die is geboren in 1949 of daarna. Werknemers ouder dan 57 jaar hebben recht op een hogere arbeidskorting. In de tabel is daarmee geen rekening gehouden.
Netto minimumloonbedragen per 1 januari 20061
Leeftijd |
per maand |
per week |
23 jaar en ouder |
1086 |
250 |
22 jaar |
937 |
216 |
21 jaar |
813 |
188 |
20 jaar |
704 |
162 |
19 jaar |
615 |
142 |
18 jaar |
546 |
126 |
17 jaar |
497 |
115 |
16 jaar |
439 |
101 |
15 jaar |
382 |
88 |
1 Afgerond op hele euro’s.
De genoemde bedragen hebben betrekking op iemand zonder kinderen. Geen rekening is gehouden met de heffingskorting waar een eventuele partner recht op heeft. De partner van een kostwinner heeft bijvoorbeeld recht op een heffingskorting ter hoogte van 1990 euro ofwel 38,27 euro per week.
Bron: Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid