Geen verbod op verkoop beneden inkoopprijs.
Een verbod op verkoop beneden de inkoopprijs is in Nederland niet nodig. Een dergelijke maatregel zal de afkalving van het aantal kleine en middelgrote supermarkten niet tegengaan. Ook leidt een verbod niet tot betere prijzen voor boeren en tuinders, die worden internationaal beïnvloed.
De bewindslieden beantwoorden met hun brief vragen van Kamerlid Atsma (CDA) om de mogelijkheden van een dergelijk verbod te onderzoeken. Hij vreest dat kleine en middelgrote supermarkten ten onder gaan in de prijzenoorlog tussen de supers.
Geen verband
Volgens Brinkhorst en Veerman blijkt uit onderzoek van onderzoeksbureaus EIM en Oxera dat er geen duidelijk verband is tussen een verbod op verkoop beneden inkoopprijs en de positie van kleine of middelgrote supermarkten. De ministers stellen vast dat de consumentenprijzen door de prijzenoorlog met 3 procent zijn gedaald. Maar zij zeggen tevens dat de onderzoekers niet konden vaststellen of dat ook heeft geleid tot verkoop beneden inkoopprijs.
Het aantal kleine en middelgrote supermarkten is sinds de prijzenslag met 25 procent gedaald. Die ontwikkeling was echter al voor de verhevigde concurrentie ingezet. Daarbij hebben ook de kleinere supers in het buitenland het moeilijk, ook in landen waar wel een verbod geldt. Verder is de winkeldichtheid in ons land hoog vergeleken bij andere landen.
Geen aanleiding
De marktsituatie in Nederland geeft verder geen aanleiding tot overheidsingrijpen, schrijven Brinkhorst en Veerman. Bij hun oordeel hebben de ministers de opvatting van de NMa betrokken dat er momenteel juist vanwege de verhevigde prijsconcurrentie geen aanleiding is voor een onderzoek naar misbruik van een economische machtspositie.
Om de positie van kleine en middelgrote supermarkten te versterken willen de twee ministers waarborgen geven voor een gezond ondernemersklimaat voor het mkb. Zij denken daarbij aan de financiering van de zelfstandige detailhandel, de bestrijding van winkelcriminaliteit en handreikingen voor de verbetering van de concurrentiepositie van agrarische ondernemingen. Dergelijke maatregelen zou concurrentie en bijomende voordelen voor consumenten niet in de weg staan.
Bron: Zibb.nl